15.05.2026

Nijmegen

Een pioniersmodel voor stedelijke logistiek dat een consolidatiehub, emissievrije herverdeling en milieuregulering combineert om zware leveringen in het stadscentrum te verminderen.

LEV tussen containers 1024x768

Praktische informatie
Beschrijving
Tijdlijn
Actoren
Sterktes en aanbod
Stedelijke logistiek
Positieve impact
Noden
Logistieke knelpunten

Praktische informatie

Wat?
Nijmegen is een Nederlandse pioniersstad op het vlak van stedelijke logistiek. De casus combineert een Zero Emission Zone voor logistiek met een stedelijke vrachthub die wordt uitgebaat door Binnenstadservice. Het principe is om goederen buiten het stadscentrum te ontvangen, te consolideren en vervolgens met kleinere, emissievrije voertuigen te herverdelen naar handelaars en andere bestemmingen in het centrum.

Wie?
De Stad Nijmegen, Binnenstadservice Nijmegen, handelaars in het centrum, vervoerders en emissievrije leveringsoperatoren. Het model Binnenstadservice ontstond in Nijmegen onder impuls van Birgit Hendriks en Max Prudon.

Waar?
Nijmegen, Nederland.

Wanneer?
Binnenstadservice werd in 2008 in Nijmegen gelanceerd.
De logistieke Zero Emission Zone trad in werking op 1 januari 2025.

Contact
nijmegen@binnenstadservice.nl

Bronnen
Website van Binnenstadservice; ZEZ-regelgeving; artikel van De Gelderlander over Birgit Hendriks; praktijkvoorbeelden over Binnenstadservice.

Beschrijving

Het model van Nijmegen vertrekt van een eenvoudige gedachte: vermijden dat elke vervoerder afzonderlijk het stadscentrum binnenrijdt om kleine volumes te leveren. Goederen bestemd voor het centrum worden eerst afgezet in een hub aan de rand van de stad of buiten het hypercentrum, daarna gebundeld en efficiënter herverdeeld naar handelaars en andere bestemmingen.

Binnenstadservice functioneert zo als een consolidatiepunt. Het vermindert het aantal directe leveringen in het stadscentrum, beperkt het binnenrijden van zware vrachtwagens voor kleine pakjes of enkele dozen, en maakt een schonere last mile mogelijk die beter is aangepast aan het dense stedelijke weefsel.

Sinds de invoering van de logistieke Zero Emission Zone is dit type hub nog strategischer geworden. Het is niet langer alleen een praktische dienst: het is ook een infrastructuur die de regelgevende transitie werkbaarder maakt voor handelaars en vervoerders die hun volledige vloot nog niet hebben geëlektrificeerd.

Tijdlijn

2008
Lancering van Binnenstadservice in Nijmegen.

2018
Het project bestaat bijna tien jaar en dient al als referentie voor andere steden.

1 januari 2025
Inwerkingtreding van de logistieke Zero Emission Zone in Nijmegen.

Vandaag
Het model Binnenstadservice bestaat ook in Rotterdam en Maastricht.

Actoren

De Stad Nijmegen, die het regelgevende kader vastlegt, met name de Zero Emission Zone, en mobiliteitsbeleid met stedelijke logistiek verbindt.

Binnenstadservice Nijmegen, als operator van de hub, de consolidatie en de herverdeling naar het stadscentrum.

Handelaars in het centrum, die hun goederen via een meer gemutualiseerd systeem ontvangen.

Vervoerders, die goederen aan de hub kunnen afzetten in plaats van rechtstreeks het centrum binnen te rijden.

Emissievrije leveringsoperatoren, die de eindherverdeling verzorgen met aangepaste voertuigen.

Birgit Hendriks en Max Prudon, verbonden met het ontstaan van het Binnenstadservice-model in Nijmegen.

Sterktes en aanbod

Consolidatiehub voor goederen bestemd voor het stadscentrum.

Emissievrije of lage-emissieherverdeling met kleinere voertuigen die beter aangepast zijn aan het stedelijke centrum.

Eén toegangspunt voor bepaalde stromen bestemd voor handelaars.

Vermindering van zwaar verkeer in het stadscentrum.

Bundeling van stromen en vermindering van overlappende ritten.

Sterke compatibiliteit met zero-emissionbeleid.

Concrete oplossing voor handelaars en vervoerders die hun volledige vloot nog niet hebben geëlektrificeerd.

Model dat robuust genoeg is om in meerdere Nederlandse steden te worden gerepliceerd.

Evolutie van een eenvoudige fysieke cross-dock naar een vollediger systeem dat ook informatiestromen en aanvullende diensten voor handelaars integreert.

Stedelijke logistiek

Hoe werkt het?
Goederen bestemd voor het stadscentrum worden eerst ontvangen in de hub, buiten het hypercentrum. Daar worden ze gebundeld, gesorteerd en voorbereid voor fijnmazigere herverdeling. In plaats van verschillende vrachtwagens of bestelwagens afzonderlijk het centrum binnen te laten rijden om kleine volumes te leveren, worden de stromen geconsolideerd en vervolgens geleverd met kleinere voertuigen die vandaag compatibel zijn met zero-emissionvereisten.

Waarom is het interessant?
Omdat de casus Nijmegen toont dat de transitie naar schonere stedelijke logistiek niet alleen steunt op het verbieden van vervuilende voertuigen. Ze vraagt ook om infrastructuur waarmee economische actoren zich kunnen aanpassen. De Zero Emission Zone creëert een verplichting, terwijl de hub een operationele oplossing biedt om de last mile te mutualiseren, overlappende ritten te verminderen en het stadscentrum toegankelijk te houden zonder het te verzadigen.

Op welke obstakels biedt het een antwoord?
Congestie in het stadscentrum, toename van vrachtwagens en bestelwagens, versnipperde leveringen, gebrek aan ruimte voor laden, lossen of opslag in het hypercentrum, de kost van de transitie voor kleine handelaars en vervoerders, en de nood aan een geloofwaardig systeem om de Zero Emission Zone economisch haalbaar te maken.

Geïdentificeerde knooppunten / obstakels
Transport; tijdelijke opslag; kosten; regelgeving; tijd; mutualisering van de last mile; betrokkenheid van handelaars; betrokkenheid van vervoerders; afstemming tussen publiek belang, commercieel model en milieueisen.

Positieve impact

Milieu — schonere lucht en minder emissies in het stadscentrum dankzij de combinatie van Zero Emission Zone, bundeling van stromen en herverdeling met aangepaste voertuigen.

Ruimte — minder grote vrachtwagens in centrale straten, minder lawaai, minder conflicten rond laden en lossen, en mogelijke vermindering van congestie.

Buurt — een rustiger stadscentrum, beter georganiseerde leveringen en betere cohabitatie tussen commerciële activiteiten, bewoners, bezoekers en logistiek.

Sociale relaties — indirect sociaal effect: minder gebruiksconflicten tussen bewoners, handelaars, vervoerders en gebruikers van de openbare ruimte.

Noden

Een goed gelegen logistieke ruimte, voldoende dicht bij het centrum om nuttig te zijn, maar buiten de meest beperkte zones.

Betrokkenheid van handelaars, die moeten aanvaarden dat een deel van hun goederen via een gemutualiseerd systeem wordt ontvangen.

Betrokkenheid van vervoerders, die moeten aanvaarden dat ze een deel van de last mile aan een lokale operator delegeren.

Een stabiel beleidskader, met name rond de Zero Emission Zone, om investeringen voorspelbaar te maken.

Een economisch leefbaar model op lange termijn, dat niet uitsluitend afhankelijk is van subsidies of demonstratie-effecten.

Een duidelijke afstemming tussen publieke doelstellingen — minder verkeer, betere luchtkwaliteit, rustiger centrum — en het commerciële model van de dienst.

Logistieke knelpunten

Vervoerders overtuigen om hun goederen aan de hub af te zetten in plaats van zelf tot in het centrum te leveren.

Voldoende kritische massa bereiken van handelaars, vervoerders en volumes om mutualisering economisch leefbaar te maken.

Het evenwicht bewaren tussen publiek belang en rendabiliteit van de dienst.

Het systeem aanpassen aan verschillende types goederen, die niet allemaal even geschikt zijn voor consolidatie.

Vermijden dat de hub een extra laag van kosten of complexiteit wordt voor handelaars.

Regelgeving en logistieke oplossing op elkaar afstemmen: de Zero Emission Zone kan een nood creëren, maar moet begeleid worden zodat kleine actoren niet verzwakt worden.

Reële effecten meten: daling van het aantal voertuigen, vermeden kilometers, lagere emissies, gewonnen tijd en aanvaarding door gebruikers van het stadscentrum.